Insulineresistentie

Bij insulineresistentie zijn cellen ongevoelig geworden voor het hormoon insuline. Het is met verschillende symptomen en aandoeningen in verband gebracht, waaronder overgewicht, te hoge bloeddruk, verhoogd cholesterol, haaruitval, acne, onvruchtbaarheid, PCOS en menstruatieklachten. Uiteindelijk kan insulineresistentie tot diabetes type 2 leiden als er niets aan wordt gedaan. Zowel insulineresistentie als diabetes type 2 kunnen met aanpassingen in voeding en leefstijl hersteld worden.

Wat is insulineresistentie?

Om insulineresistentie te kunnen begrijpen, moet je eerst weten welke functie het hormoon insuline heeft. Insuline speelt onder andere een belangrijke rol bij (vet)opslag, (spier)groei en herstel. De meest bekende functie van insuline is het in balans houden van de bloedsuikerspiegel (bloedglucose).

Omdat de bloedsuikerspiegel niet te veel mag schommelen, zorgen de hormonen glucagon, (nor)adrenaline, cortisol en insuline voor het in stand houden van een goede balans. Als de bloedsuikerspiegel daalt, zorgen de hormonen glucagon, (nor)adrenaline en cortisol ervoor dat het weer op niveau komt. Dit gebeurt op het moment dat je een aantal uren niets hebt gegeten. Daarentegen zorgt insuline juist voor een daling van de bloedsuikerspiegel, nadat er een verhoging is opgetreden doordat je iets hebt gegeten. Dit proces werkt als volgt.

Na het eten van een maaltijd stijgt de bloedsuikerspiegel. Met name koolhydraten (suikers en zetmeel) zorgen voor een stijging. Producten die veel koolhydraten bevatten zijn:

  • Zoetmiddelen: tafelsuiker, agavesiroop, ahornsiroop, honing
  • Dranken: frisdrank, vruchtensappen, kokoswater, alcoholische dranken
  • Sterk bewerkte producten: ijs, snoep, koek, cake, taart, pizza, chips en andere gefrituurde producten
  • Graanproducten: brood, crackers, ontbijtkoek, pasta, havermout, muesli, cruesli, cornflakes, rijst(wafels), maïs
  • Pseudogranen: boekweit, amarant, quinoa
  • Aardappelproducten: (zoete) aardappelen, aardappelroosjes, aardappelkroketten, rösti
  • Overig: kastanjes, chufanoten, tapioca, fruit (met name gedroogd en tropisch fruit)

 

Bloedsuikerregulatie normaal en insulineresistentie, diabetes type 2

Als reactie op de stijgende bloedsuikerspiegel gaat de alvleesklier (pancreas) insuline produceren. De insuline bindt vervolgens aan de insulinereceptor, waardoor er een signaal naar glucose transporter 4 (GLUT 4) wordt verzonden. Als gevolg gaat GLUT 4 naar de buitenkant van de cel (celmembraan) om daar de glucose (suiker) uit de bloedbaan op te nemen. GLUT 4 zorgt dus voor de opname van energie (glucose) in de cel. De hoeveelheid energie in de cel neemt hierdoor toe, terwijl de bloedsuiker tegelijkertijd daalt. Onderstaande afbeelding geeft dit proces weer.

Bij insulineresistentie zijn bepaalde cellen ongevoelig geworden voor het hormoon insuline, waardoor zij niet meer goed in staat zijn om glucose (energie) op te nemen. Het gevolg is een energietekort in de cellen die insulineresistent zijn geworden. Insulineresistentie kan bijvoorbeeld optreden in de lever, bepaalde hersenengebieden, spieren en in vetweefsel. Als deze organen langdurig insulineresistent worden, ontstaat er een chronisch energietekort. De organen krijgen als het ware minder brandstof, waardoor ze minder goed kunnen functioneren. Als gevolg kunnen er verschillende symptomen ontstaan. Als bijvoorbeeld de spieren insulineresistent worden, is spiergroei niet of nauwelijks mogelijk.

Daarnaast zorgt insulineresistentie ervoor dat het lichaam meer moeite heeft om de bloedsuiker weer naar het normale niveau te verlagen nadat er iets gegeten is. Hierdoor kan de bloedsuikerspiegel langdurig verhoogd zijn (boven 10 mmol/l). Dit wordt hyperglykemie genoemd.

Symptomen van een te hoge bloedsuiker (hyperglykemie) zijn: [1]

  • Veel plassen
  • Veel dorst hebben en houden
  • Vermoeidheid en lusteloosheid
  • Plotselinge humeurigheid, snel boos worden
  • Geen eetlust hebben of juist honger hebben
  • Wazig zien
  • Misselijk zijn of overgeven
  • Alles voelt vervelend

Als reactie op een verhoogde bloedsuikerspiegel gaat de alvleesklier meer insuline produceren. Op die manier probeert de alvleesklier de ongevoeligheid voor insuline te compenseren. Er is dan sprake van hyperinsulinemie.[2] Door meer insuline te produceren lukt het toch nog om de glucose de cellen in te krijgen en de bloedsuiker voldoende te verlagen. De alvleesklier kan dan zelfs zo lang en zo veel insuline produceren dat er overcompensatie ontstaat. De bloedsuikerspiegel daalt dan te veel (bloedsuikerdip). Als er enkele uren na het eten een te lage bloedsuiker ontstaat, wordt er gesproken over reactieve hypoglykemie of postprandiale hypoglykemie genoemd.

Symptomen van een te lage bloedsuiker (reactieve hypoglykemie) zijn:[3]

  • Zweten
  • Trillen
  • Honger
  • Vermoeidheid
  • Concentratieproblemen

Belangrijk: Zowel een verhoogde als verlaagde bloedsuikerspiegel stimuleert ontsteking en dient voorkomen te worden bij auto-immuunziekten.

Het compenseren door meer insuline aan te maken kan een tijd goed gaan, maar na verloop van tijd gaat de insulineproductie omlaag. De alvleesklier maakt dan niet meer voldoende insuline aan om de bloedsuiker voldoende te verlagen. Er ontstaat dan een chronisch verhoogde bloedsuikerspiegel. Op dit moment spreken we van diabetes type 2, wat als het eindstation van insulineresistentie kan worden gezien.[4]

Wat zijn de symptomen van insulineresistentie?

Insulineresistentie kan zich op verschillende manieren uiten. Soms leidt insulineresistentie tot uiterlijke kenmerken. Voorbeelden hiervan zijn overgewicht, acne, zwartverkleuring van de huid (acanthosis nigricans), ‘mannelijke’ haaruitval (androgene alopecia), huidflapjes (skin tags) en ‘mannelijke’ haargroei bij vrouwen (o.a. in het gezicht en op de borst). Onderstaande afbeeldingen geven een aantal van deze uiterlijke kenmerken weer.

Andere symptomen van insulineresistentie zijn:[5], [6], [7], [8]

  • Vermoeidheid na een maaltijd
  • Hongergevoelens met snaaigedrag
  • Gewichtstoename, moeite met afvallen
  • Viscerale obesitas (te veel vet om organen) zonder overgewicht (thin outside fat inside, TOFI)
  • Buikomvang is meer dan de helft van de lichaamslengte
  • Diabetes type 2
  • Te hoge bloeddruk
  • Hart- en vaatziekten
  • Dysmenorroe (pijnlijke menstruatie)
  • Polycysteus ovarium syndroom (PCOS)
  • Onvruchtbaarheid
  • Slaapapneu
  • Leververvetting (aanwijzing hiervoor is een lichte verhoging in ALAT, ASAT, Gamma-GT, alkalische fosfatase, ferritine of urinezuur)
  • Hoge triglyceriden/HDL-ratio (verhouding tussen triglyceriden en HDL-cholesterol in het bloed)
  • Verhoogde bloedsuiker (glucose)
  • Langzaam stijgend HbA1c-gehalte
  • Verhoogde C-peptidespiegel
  • Verhoogde insulinewaarde
  • Verhoogde HOMA-IR (HOmeostasis Model Assessment)

Wat zijn de oorzaken van insulineresistentie?

Het langdurig eten van te veel koolhydraten is de belangrijkste oorzaak van insulineresistentie.[9] Daarnaast kunnen de volgende factoren meespelen:[10], [11], [12], [13], [14], [29], [30], [31]

  • Overeten
  • Roken en luchtvervuiling
  • Bepaalde soorten medicatie, waaronder corticosteroïden
  • Chronische stress
  • Te weinig beweging
  • Slaaptekort
  • Omega 3-tekort
  • Te veel omega 6
  • Vitamine D-tekort
  • Tekort antioxidanten (zitten in groente en fruit)
  • Advanced Glycation End Products (AGEs) – zie verderop voor meer informatie
  • Ftalaten
  • Bisfenol A (BPA)
  • Erfelijke aanleg

AGEs in voeding

Advanced Glycation End Products (AGEs) veroorzaken oxidatieve stress, ontsteking en insulineresistentie. Ze ontstaan vooral tijdens droge verhitting van voedingsmiddelen op hoge temperaturen – dus tijdens het frituren, roosteren, grillen en (roer)bakken van producten – en zitten daarom in producten zoals croissantjes en geroosterd brood, chips, friet, kip, vlees, vis en ei. Maar ook in tofu en kaas. Zoals je in onderstaande lijst kunt zien ontstaan AGEs vooral in eiwitrijke en vetrijke voedingsmiddelen.[32]

Voedingsmiddel Hoeveelheid AGEs
Big Mac, McDonald’s (100 g) 7.801
Filet-O-Fish, McDonald’s (100 g) 6.027
Chicken McGrill, McDonald’s (100 g) 5.171
Pizza met dunne bodem (100 g) 6.825
Tosti (100 g) 4.333
Rundvlees, gekookt (1 uur, 90 g) 2.000
Rundvlees, geroosterd (15 minuten, 90 g) 5.367
Rundvlees, roergebakken (20 minuten) en geroosterd (15 minuten, 90 g) 6.166
Kip, gekookt (1 uur, 90 g) 1.011
Kip, geroosterd (15 minuten, 90 g) 5.245
Zalm, rauw (90 g) 502
Zalm, geroosterd (10 minuten, 90 g) 1.348
Tofoe, geroosterd (90 g) 3.696
Tofoe, gekookt (7 minuten, 90 g) 565
Macaroni met kaas (100 g) 2.728
Kaas, Feta Grieks (30 g) 2.527
Kaas, brie (30 g) 1.679
Hummus (100 g) 733
Rode kidneybonen, blik (100 g) 191
Rode kidneybonen, rauw (100 g) 116
Ei, omelet (gebakken in pan op laag vuur met kookspray – dus weinig vet- voor 11 minuten, 30 g) 27
Ei, omelet (gebakken in pan op laag vuur met olijfolie – dus met meer vet – voor 12 minuten – dus langer -, 30 g) 101
Witte aardappel, gekookt (25 minuten, 100 g) 17
Chips, aardappel (30 g) 865
Frietjes (100 g) 1.555
Brood, volkoren tarwe (30 g) 16
Brood, croissant boter (30 g) 334
Broccoli (100 g) 226
Tomaat (100 g) 23
Appel (100 g) 13
Gedroogde vijg (30 g) 799
Bronnen:

Palimeri, S., Palioura, E., & Diamanti-Kandarakis, E. (2015). Current perspectives on the health risks associated with the consumption of advanced glycation end products: recommendations for dietary management. Diabetes, metabolic syndrome and obesity: targets and therapy, 8, 415.

Uribarri, J., Woodruff, S., Goodman, S., Cai, W., Chen, X., Pyzik, R., … & Vlassara, H. (2010). Advanced glycation end products in foods and a practical guide to their reduction in the diet. Journal of the American Dietetic Association, 110(6), 911-916.

AGEs verminderen:[32]

  • Nat verhitten (koken, pocheren, stoven) in plaats van droog verhitten (grillen, roosteren, bakken)
  • Op lagere temperaturen verhitten (koken, pocheren, stomen en stoven)
  • Voeding minder lang verhitten
  • Weinig vet gebruiken bij het (roer)bakken
  • Zuur toevoegen uit azijn of citroensap

Hoe wordt de diagnose insulineresistentie gesteld?

Insulineresistentie kan in het bloed worden gemeten. De gouden standaard voor het diagnosticeren van insulineresistentie is de HOMA-IR (HOmeostasis Model Assessment). Dit wordt ook wel de HOMA-index genoemd. Bij deze test worden de bloedglucose en de insuline gemeten. Daarnaast kan een combinatie van eerdergenoemde symptomen een aanwijzing voor insulineresistentie zijn.
bloedwaardentest.nl

Hoe wordt insulineresistentie behandeld?

Om insulineresistentie te kunnen herstellen moet je eerst de oorzaken achterhalen. Vervolgens moeten deze aangepakt worden. Zoek dus uit of de insulineresistentie veroorzaakt wordt door een overmaat aan koolhydraten, AGEs, te weinig beweging, een slechte nachtrust of tekorten aan vitamine D en omega 3-vetzuren etc.

Indien nodig schrijft een arts medicijnen voor die insulineresistentie kunnen verminderen. Een voorbeeld hiervan is metformine. Dit gebeurt vaak alleen bij diabetes type 2 en soms bij PCOS.

Verder blijkt uit onderzoek dat onderstaande stoffen in bepaalde situaties kunnen helpen bij het verminderen van insulineresistentie:

  • Curcumine[25],[26]
  • Resveratrol[27], [28]
  • Myoinositol[23],[24]
  • Appelazijn[20],[21],[22]
  • Kaneel[15],[16],[17]
  • Zwarte komijnzaad(olie)[18],[19]

Online Auto-Immuun Programma

Wil je serieus met voeding en leefstijl aan de slag gaan om klachten zoals vermoeidheid, spier- en gewrichtsklachten, hoofdpijn, brain fog, geheugen- en concentratieproblemen, maagdarmproblemen, huidproblemen en ontstekingen te verminderen? Dan kunnen wij jou helpen met ons online Auto-Immuun Programma, een programma waarin Ruud Rotteveel – gecertificeerd AIP Coach – je leert het auto-immuun protocol (AIP) juist en effectief toe te passen.

Op die manier weet je zeker dat je het protocol juist en effectief uitvoert – veel mensen doen het namelijk niet goed, waardoor het niet (zo) effectief is en er mogelijk voedingstekorten optreden.

Lees meer over het Auto-Immuun Programma
Klik hier om de bronnen te zien
[1] https://www.diabetesfonds.nl/over-diabetes/dagelijks-leven/hypo-s-en-hypers?gclid=Cj0KCQjwpZT5BRCdARIsAGEX0zkJE8Li0QcxWHZH3SXmqqbLVXxj0zYNMIuLwt4722h_uRWVgVT1YuUaAiOeEALw_wcB
[2] Rehman, K., & Akash, M. S. H. (2016). Mechanisms of inflammatory responses and development of insulin resistance: how are they interlinked?. Journal of biomedical science, 23(1), 1-18.
[3] https://www.diabetesfonds.nl/over-diabetes/dagelijks-leven/hypo-s-en-hypers?gclid=Cj0KCQjwpZT5BRCdARIsAGEX0zkJE8Li0QcxWHZH3SXmqqbLVXxj0zYNMIuLwt4722h_uRWVgVT1YuUaAiOeEALw_wcB
[4] Rehman, K., & Akash, M. S. H. (2016). Mechanisms of inflammatory responses and development of insulin resistance: how are they interlinked?. Journal of biomedical science, 23(1), 1-18.
[5] Sijpkens, Y. W. J., & Ramautar, S. Koolhydraten, hyperinsulinemie en het insulineresistentie-syndroom.
[6] Pantoja-Torres, B., Toro-Huamanchumo, C. J., Urrunaga-Pastor, D., Guarnizo-Poma, M., Lazaro-Alcantara, H., Paico-Palacios, S., … & Metabolic Syndrome Research Group. (2019). High triglycerides to HDL-cholesterol ratio is associated with insulin resistance in normal-weight healthy adults. Diabetes & Metabolic Syndrome: Clinical Research & Reviews, 13(1), 382-388.
[7] Preuss, H. G., Mrvichin, N., Bagchi, D., & Kaats, G. R. (2020). Assessing the triglyceride/HDL-cholesterol ratio as a surrogate for insulin resistance and its link to the metabolic syndrome in Hispanics and African-Americans. Dietary Sugar, Salt and Fat in Human Health, 325–345. doi:10.1016/b978-0-12-816918-6.00015-9
[8] Reaven, G. M. (2005). The insulin resistance syndrome: definition and dietary approaches to treatment. Annu. Rev. Nutr., 25, 391-406.
[9] Sijpkens, Y. W. J., & Ramautar, S. Koolhydraten, hyperinsulinemie en het insulineresistentie-syndroom.
[10] Sijpkens, Y. W. J., & Ramautar, S. Koolhydraten, hyperinsulinemie en het insulineresistentie-syndroom.
[11] Shoshtari-Yeganeh, B., Zarean, M., Mansourian, M., Riahi, R., Poursafa, P., Teiri, H., … & Kelishadi, R. (2019). Systematic review and meta-analysis on the association between phthalates exposure and insulin resistance. Environmental Science and Pollution Research, 26(10), 9435-9442.
[12] Hwang, S., Lim, J. E., Choi, Y., & Jee, S. H. (2018). Bisphenol A exposure and type 2 diabetes mellitus risk: a meta-analysis. BMC endocrine disorders, 18(1), 81.
[13] Rehman, K., & Akash, M. S. H. (2016). Mechanisms of inflammatory responses and development of insulin resistance: how are they interlinked?. Journal of biomedical science, 23(1), 1-18.
[14] Pretty, C., Chase, J. G., Lin, J., Shaw, G., Le Compte, A., Razak, N., & Parente, J. (2009). Corticosteroids and insulin resistance in the ICU. IFAC Proceedings Volumes, 42(12), 25-30.
[15] Heydarpour, F., Hemati, N., Hadi, A., Moradi, S., Mohammadi, E., & Farzaei, M. H. (2020). Effects of cinnamon on controlling metabolic parameters of polycystic ovary syndrome: A systematic review and meta-analysis. Journal of Ethnopharmacology, 112741.
[16] Hendre, A. S., Sontakke, A. V., Patil, S. R., & Phatak, R. S. (2019). Effect of cinnamon supplementation on fasting blood glucose and insulin resistance in patients with type 2 diabetes. Pravara Medical Review, 11(2).
[17] Zare, R., Nadjarzadeh, A., Zarshenas, M. M., Shams, M., & Heydari, M. (2019). Efficacy of cinnamon in patients with type II diabetes mellitus: A randomized controlled clinical trial. Clinical Nutrition, 38(2), 549-556.
[18] Najmi, A., Nasiruddin, M., Khan, R. A., & Haque, S. F. (2008). Effect of Nigella sativa oil on various clinical and biochemical parameters of insulin resistance syndrome. International journal of diabetes in developing countries, 28(1), 11.
[19] Heshmati, J., & Namazi, N. (2015). Effects of black seed (Nigella sativa) on metabolic parameters in diabetes mellitus: A systematic review. Complementary therapies in medicine, 23(2), 275-282.
[20] Johnston, C. S., Kim, C. M., & Buller, A. J. (2004). Vinegar improves insulin sensitivity to a high-carbohydrate meal in subjects with insulin resistance or type 2 diabetes. Diabetes care, 27(1), 281-282.
[21] Mitrou, P., Petsiou, E., Papakonstantinou, E., Maratou, E., Lambadiari, V., Dimitriadis, P., … & Dimitriadis, G. (2015). Vinegar consumption increases insulin-stimulated glucose uptake by the forearm muscle in humans with type 2 diabetes. Journal of diabetes research, 2015.
[22] Shishehbor, F., Mansoori, A., & Shirani, F. (2017). Vinegar consumption can attenuate postprandial glucose and insulin responses; a systematic review and meta-analysis of clinical trials. diabetes research and clinical practice, 127, 1-9.
[23] Miñambres, I., Cuixart, G., Gonçalves, A., & Corcoy, R. (2019). Effects of inositol on glucose homeostasis: systematic review and meta-analysis of randomized controlled trials. Clinical Nutrition, 38(3), 1146-1152.
[24] Zeng, L., & Yang, K. (2018). Effectiveness of myoinositol for polycystic ovary syndrome: a systematic review and meta-analysis.
[25] Chien, Y. J., Chang, C. Y., Wu, M. Y., Chen, C. H., Horng, Y. S., & Wu, H. C. (2021). Effects of curcumin on glycemic control and lipid profile in polycystic ovary syndrome: Systematic review with meta-analysis and trial sequential analysis. Nutrients, 13(2), 684.
[26] Azhdari, M., Karandish, M., & Mansoori, A. (2019). Metabolic benefits of curcumin supplementation in patients with metabolic syndrome: a systematic review and meta?analysis of randomized controlled trials. Phytotherapy research, 33(5), 1289-1301.
[27] Zhu, X., Wu, C., Qiu, S., Yuan, X., & Li, L. (2017). Effects of resveratrol on glucose control and insulin sensitivity in subjects with type 2 diabetes: Systematic review and meta-analysis. Nutrition & metabolism, 14(1), 1-10.
[28] García-Martínez, B. I., Ruiz-Ramos, M., Pedraza-Chaverri, J., Santiago-Osorio, E., & Mendoza-Núñez, V. M. (2021). Hypoglycemic effect of resveratrol: A systematic review and meta-analysis. Antioxidants, 10(1), 69.
[29] Unoki, H., & Yamagishi, S. I. (2008). Advanced glycation end products and insulin resistance. Current Pharmaceutical Design, 14(10), 987-989.
[30] Palimeri, S., Palioura, E., & Diamanti-Kandarakis, E. (2015). Current perspectives on the health risks associated with the consumption of advanced glycation end products: recommendations for dietary management. Diabetes, metabolic syndrome and obesity: targets and therapy, 8, 415.
[31] https://www.healthline.com/nutrition/advanced-glycation-end-products#harmful-effects
[32] Uribarri, J., Woodruff, S., Goodman, S., Cai, W., Chen, X., Pyzik, R., … & Vlassara, H. (2010). Advanced glycation end products in foods and a practical guide to their reduction in the diet. Journal of the American Dietetic Association, 110(6), 911-916.

Beste voedingsadvies Hashimoto

Voor verminderen restklachten.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.