Oervoeding: voeding die het best bij jouw genen past

Het menselijke voedingspatroon is gedurende de tijd gigantisch veranderd. Drie belangrijke gebeurtenissen staan aan de basis van de veranderingen in ons voedingspatroon. Namelijk, de agrarische revolutie, de industriële revolutie en de fastfood revolutie. Voor de agrarische revolutie, zo’n 10.000 jaar geleden, leefde alle mensen als jager-verzamelaars. Ze aten het voedsel dat in de omgeving te vinden was. Maar wat aten zij dan precies?

Het voedingspatroon van jager-verzamelaars

De moderne mens is zo’n 200.000-160.000 jaar geleden ontstaan in Oost Afrika.[1] Hun voedingspatroon bestond uit wilde planten en dieren, die op de Afrikaanse savanne te vinden waren. Ongeveer 50.000-100.000 jaar geleden splitste de populatie. Een aantal groepen verlieten hun oorspronkelijke leefomgeving en trokken langs het water naar andere delen van de wereld.

Dit had een groot effect op het voedingspatroon van de verschillende groepen. Aangezien het voedselaanbod per omgeving verschilde, leidde dit tot verschillende voedingspatronen. Maar de basis van het voedingspatroon bleef overal hetzelfde. De voedingspatronen verschilden met name in de soorten planten en dieren, het percentage koolhydraten, eiwitten en vet. Maar allen bestonden ze uit groente, fruit, noten, zaden, vlees, zeevoedsel en honing.[2] In sommige populaties behoorde peulvruchten en wilde granen ook tot het voedingspatroon, maar zij werden zelden in grote hoeveelheden gegeten. [3], [4]

Om inzicht te krijgen in de voedselsamenstelling van jager-verzamelaars, hebben onderzoekers 229 jager-verzamelaar groepen bestudeerd. Uit dit onderzoek blijkt de meest aannemelijke verhouding van macronutriënten te bestaan uit[5]:

  • 19-35%  energie uit eiwitten
  • 22-40% energie koolhydraten
  • 28-58% energie vetten

Dit betekent dat jager-verzamelaars de meeste energie uit vetten en eiwitten haalden. Daarentegen verkrijgt een westerling de meeste energie uit koolhydraatbronnen.  De toename van koolhydraatinname is ten koste gegaan van de vet- en eiwitinname. De verhouding van macronutriënten in de westerse voeding ziet er als volgt uit[6]:

  • 15-16% energie uit eiwitten
  • 49-52% energie uit koolhydraten
  • 20-35% energie uit vetten

Jager-verzamelaars aten zowel plantaardig als dierlijk voedsel[7], maar de grootste energie-inname komt uit dierlijk voedsel. Zo halen ze 45-65% van hun energie uit dierlijk voedsel en 35-55% uit  plantaardig voedsel.[8] Deze oorspronkelijke voeding heeft een hoge voedingswaarde. Hoger dan de voeding die we vandaag de dag tot ons nemen. Onderstaande tabel laat het verschil zien tussen de hoeveelheid vitamines, mineralen en vezels in oervoeding en in westerse voeding.[9], [10], [11], [12], [13], [14], [15]

Vergelijking van oervoeding met moderne voeding

Een snelle verandering van ons voedingspatroon

Tot de agrarische revolutie, zo’n 10.000 jaar geleden, hebben de menselijke genen miljoenen jaren de tijd gehad om zich via natuurlijke selectie aan te passen aan een voedingspatroon met wilde planten en dieren. Door het begin van deze revolutie kwam daar verandering in. Drie belangrijke gebeurtenissen hebben ervoor gezorgd dat ons voedingspatroon in relatief korte tijd snel is veranderd.

De agrarische revolutie – 10.000 jaar geleden

Ongeveer 10.000 jaar geleden kwam de agrarische revolutie wereldwijd op gang. Op evolutionaire tijdschaal gezien vond de introductie van deze revolutie ‘snel’ plaats. Door voedselschaarste waren jager-verzamelaars genoodzaakt om te beginnen met de landbouw en veeteelt. Sindsdien vormen granen en melk(producten) een belangrijk onderdeel van ons voedingspatroon.

Deze leefstijlverandering was de eerste grote stap naar de westerse leefstijl. En dit was niet zonder consequenties. Verschillende onderzoeken laten zien dat deze verandering een negatieve invloed op onze gezondheid heeft gehad. Mensen werden bijvoorbeeld minder groot en de gezondheid van hun gebit verslechterde. En dit was niet het enige. Ook andere voedings-gerelateerde klachten staken de kop op. Al deze ongemakken waren grotendeels het gevolg van een verandering in het voedingspatroon. Dus de overstap van wilde planten en dieren naar landbouw- en veeteeltproducten, zoals granen en melk.[17], [18], [19]

De overgang op deze nieuwe voedingsmiddelen leidde tot veranderingen in ons microbioom. Dit is het geheel van bacteriën, schimmels en gisten die op en in ons leven. Ook zorgde het voor veranderingen in het functioneren van onze genen.

Naast het voedingspatroon waren er ook andere leefstijlaspecten die veranderden. Mensen gingen zich bijvoorbeeld in grotere groepen vestigen. Ook deze veranderingen hebben invloed op de gezondheid. Het is daarom moeilijk te zeggen in hoeverre alleen het voedingspatroon heeft bijgedragen aan de verslechterde gezondheid.

Er zijn ook studies die aantonen dat het eten van granen en zuivel niet perse leidt tot het ontwikkelen van welvaartsziekten. Bijvoorbeeld de onderzoeken van Weston A. Price. [20] Hij heeft wereldwijd veel onderzoek gedaan onder traditionele, niet-verwesterde populaties. Price toonde aan dat het mogelijk is om granen en zuivel te eten zonder welvaartsziekten te ontwikkelen. Het is wel belangrijk om te weten dat deze mensen voedsel van hoge kwaliteit aten. Ook gebruikte zij traditionele bewerkingstechnieken, zoals weken, fermenteren en kiemen. Hierdoor werd het merendeel van de antinutriënten in de voeding verwijdert. Zo creëerde ze eindproducten die een voedingswaarde hadden die vergelijkbaar is met de voeding van de jager-verzamelaars.

De industriële revolutie – 250 jaar geleden

De industriële revolutie zorgde voor de tweede grote verandering in ons voedingspatroon. Nieuwe productiemethoden maakte massaproductie van geraffineerde granen, plantaardige oliën, en geraffineerd suiker mogelijk. Men leerde om op grote schaal voedsel te bewerken. Dit zorgde ervoor dat het langdurig kon worden bewaard en daarmee veel gemakkelijker getransporteerd kon worden.

Naast het raffineren van granen, suiker en oliën ging men ook voedsel inblikken en vetten hydrogeneren. Dit laatste maakte het mogelijk om vloeibare plantaardige oliën om te zetten naar stevige vetten, zoals margarine. Wereldwijd maakte dit ‘fabrieksvoedsel’ zijn intrede. En daarmee raakte de mens nog meer vervreemd van de natuur.

Sinds de agrarische revolutie zijn verschillende aspecten van onze voeding veranderd. Simpel gezegd zijn er nieuwe voedingsmiddelen geïntroduceerd en is de kwaliteit van onze voeding afgenomen. Vandaag de dag halen we zo’n 70% van onze dagelijkse energie-inname uit ‘nieuwe’ voedingsmiddelen, zoals geraffineerde granen, suiker, plantaardige oliën en alcohol.[21] Tot voor de industriële revolutie zijn deze voedingsmiddelen nooit eerder onderdeel van het menselijke voedingspatroon geweest.

Net als de agrarische revolutie had ook de industriële revolutie negatieve consequenties voor de gezondheid. De Amerikaanse kaakchirurg Weston A. Price zag steeds meer mensen met tandbederf en gezichtsmisvorming.[22],[23] Daarnaast zagen westerse tropenartsen een toename van welvaartsziekten onder primitieve bevolkingsgroepen in Afrika. Ze ontdekte dat vooral rijke en verwesterde Afrikanen werden getroffen door welvaartsziekten, zoals een hoge bloeddruk en hartinfarcten.[24],[25] Ook aderverkalking blijkt vaker voor te komen onder mensen met een westerse leefstijl.[26] Dit geeft aan dat onze leefomgeving, waaronder onze voeding, veel meer invloed heeft op hart- en vaatziekten dan onze genen.[27], [28], [29]

Hart- en vaatziekten komen minder vaak voor onder bevolkingsgroepen die nog geen gebruik maken van ‘fabrieksvoedsel’. Hetzelfde geldt voor ontstekingsziekten van de darm, zoals diverticulose, diverticulitis, de ziekte van Crohn en Colitis Ulcerosa. Verder komen obstipatie, aambeien en verschillende soorten kanker, zoals borst-, prostaat- en darmkamer, ook veel minder vaak voor onder traditionele volkeren.[30]

De fastfood revolutie – nu

De derde gebeurtenis die een grote verandering in ons voedingspatroon teweeg heeft gebracht is de fastfood revolutie. Vandaag de dag springen fastfoodketens, zoals Mc Donalds, Burger King en KFC als paddenstoelen uit de grond. Overal is fastfood te verkrijgen. Fastfood is ‘voedsel’ dat door voedingsexperts zo is ontworpen dat het een optimale wisselwerking heeft met onze smaak.[31] Om dit te bereiken worden drie ingrediënten gebruikt: suiker, zout en vet.

In de natuur komen suiker, zout en vet in geringe mate voor. En daarom zijn onze zintuigen gedurende de evolutie getraind om deze ingrediënten onweerstaanbaar lekker te vinden. Want suiker en vet zijn goede energiebronnen. En als je in staat was om snel te proeven welke voedingsmiddelen het meest energierijk waren, dan had je een grotere kans om te overleven.

Naast suiker en vet hebben we ook een voorkeur voor zout. Waarschijnlijk hebben we deze voorkeur ontwikkeld, omdat onze voorouders op de Afrikaanse savanne veel natriumzout via het zweet verloren. En tegelijkertijd kwam natrium slechts in geringe mate in hun voeding voor.[32],

De voorkeur voor zoet, zout en vet heeft ons in het verleden dus beschermd tegen schaarste, maar we hebben geen programma die ons beschermd tegen een overvloed. Anders gezegd, er is geen programma die het eten van deze ingrediënten remt.

Onderzoek toont aan dat je hersenen een sterkere voorkeur voor fastfood hebben dan voor traditioneel voedsel, zoals groente, fruit en vlees.[33], [34], [35] Het eten van fastfood stimuleert je hersenen op een onnatuurlijke manier. Alleen al bij het ruiken van dit ‘voedsel’ loopt het water je in de mond.

Door zoet, zout en vet te combineren maakt de voedingsindustrie handig gebruik van onze evolutionaire zwaktes. Fastfoodketens hebben hun eigen smaaklaboratorium waarin ze met verschillende smaken experimenteren. Het gevolg is de productie van ‘voedingsmiddelen’ die onnatuurlijk en verslavend zijn.[36] Fastfood verzadigd nauwelijks en samen met het verslavende karakter leidt dit bij veel mensen tot overeten.

Door de fastfood revolutie is de mens nog meer van de natuur vervreemd geraak. En dit is niet zonder gevolgen. De inname van koolhydraten, en met name de geraffineerde koolhydraten, is met de jaren gestegen. Net als het aantal gevallen met overgewicht en diabetes. Dit laatste wordt ook wel suikerziekte genoemd.[37]

De belangrijkste veranderingen in ons voedingspatroon

Het menselijke voedingspatroon heeft sinds het begin van de agrarische revolutie een enorme verandering doorgemaakt. We zijn vervreemd geraakt van de natuur. En dit heeft veel negatieve gevolgen voor onze gezondheid.

Evolutie voedingspatroon

Bron: aangepast van ‘The evolution of the human diet. From wild meat, fruits, and tubers to candy, donuts and pizza.'[38]

Bovenstaande veranderingen stimuleren ontsteking en daarmee ziekten. Dit is het gevolg van veranderingen in ons microbioom en het anders functioneren van onze genen.[39], [40], [41], [42]

Waarom je oervoeding zou moeten eten

Er zijn verschillende redenen waarom je oervoeding als basis voor je voedingspatroon zou moeten nemen.

Onze voedingsbehoefte is gevormd door miljoenen jaren evolutie

Gedurende miljoenen jaren is het menselijke genoom door middel van natuurlijke selectie gevormd. Vandaag de dag heeft men nog grotendeels dezelfde genen als de oermens.[43], [44] Want onze genen veranderen slechts een half procent per miljoen jaar.[45]

Op evolutionaire tijdschaal gezien, hebben de veranderingen in ons voedingspatroon zeer snel plaatsgevonden. Bepaalde genetische aanpassingen en veranderingen in de bacteriesamenstelling van de darm hebben ervoor gezorgd dat we meer ‘nieuwe’ voedingsmiddelen, zoals granen en zuivel kunnen verdragen. Maar nog steeds zijn we niet goed aangepast aan een voedingspatroon dat rijk is aan deze voedingsmiddelen. Anders gezegd zijn we nog niet goed aangepast aan het westerse voedingspatroon dat voor een groot deel uit brood, pasta, rijst, havermout, melk, kaas, yoghurt en kwark bestaat.

Populaties die oervoeding eten zijn supergezond

Verschillende onderzoeken laten zien dat jager-verzamelaars en andere niet-verwesterde populaties die oervoeding eten supergezond zijn. Chronische klachten die in het westen heel normaal zijn komen nauwelijks voor onder deze bevolkingsgroepen. Denk bijvoorbeeld aan kanker, hart- en vaatziekten, acne en chronische ontstekingsziekten van de darm.[46], [47], [48] Verder blijven dit soort natuurvolkeren tot aan het eind van hun leven – modale leeftijd is 68-78 jaar – gezond.[49] Dit in tegenstelling tot westerse mensen, die een groot deel van hun leven lijden aan chronische klachten.

Oervoeding is gezonder dan andere ‘gezonde’ voedingspatronen

Om echt aan te kunnen tonen welke effecten oervoeding op je gezondheid heeft zouden we moeten kijken naar de zogenoemde interventiestudies. Op dit moment zijn er nog maar een paar van dit soort onderzoeken gedaan op het gebied van oervoeding. Dit heeft te maken met het gebrek aan financiers. Omdat de principes van oervoeding afwijken van de gangbare voedingsadviezen van veel landen is het lastig om geld bij elkaar te krijgen. Verder kun je oervoeding niet patenteren waardoor het voor bedrijven niet interessant is om hier onderzoek naar te laten doen.

Hoewel er slechts een gering aantal interventiestudies is gedaan, laten deze wel positieve effecten op de gezondheid zien. Onderzoeken waarbij westerse mensen overstapte op oervoeding tonen allemaal aan dat dit een positieve invloed had op de vetverbranding, insulinegevoeligheid en andere gezondheidsmarkers.[50], [51], [52], [53], [54], [55], [56]

‘Nieuwe’ voedingsmiddelen kunnen nadelige gevolgen voor je gezondheid hebben

Voedingsmiddelen die sinds de agrarische revolutie zijn geïntroduceerd, kunnen nadelige effecten op je gezondheid hebben. Dit geldt vooral wanneer ze niet zijn bereid volgens traditionele bereidingstechnieken, zoals weken en fermenteren.

  • Granen hebben in vergelijking met oervoeding een hoog gehalte aan acellulaire koolhydraten en bevatten antinutriënten, zoals gluten, lectinen en saponinen, die vaak voor gezondheidsproblemen zorgen.[57], [58], [59], [60], [61], [62] Deze antinutriënten veroorzaken een constante lichte activatie van het immuunsysteem. Dit is een zogenoemde laaggradige ontsteking[63], [64]. Laaggradige ontsteking is de onderliggende oorzaak van bijna alle welvaartsziekten [F.A.J. Muskiet (2011). De evolutionaire achtergrond, oorzaak en consequenties van chronische systemische lage graad ontsteking; betekenis voor de klinische chemie. Ned Tijdschr Klin Chem Labgeneesk 2011, vol. 36, no. 4].
  • Zuivel heeft volgens verschillende onderzoeken positieve effecten op de gezondheid. Aan de andere kant zijn er ook onderzoeken die juist negatieve effecten op de gezondheid laten zien. Zuivel bevat hormonen, zoals IGF-1 en oestrogenen, die in verband zijn gebracht met de groei van kankerweefsel.[65], [66], [67], [68], [69], [70], [71], [72], [73], [74] Daarnaast is een hoge inname van zuivel in verband gebracht met het ontwikkelen van de ziekte van Parkinson.[75], [76], [77] Verder zijn de suikers lactose en galactose uit zuivelproducten gelinkt aan vroegtijdige ontwikkeling van cataract (staar).[78], [79], [80] En de hormonen, enzymen en proactieve peptiden in zuivel zijn in verband gebracht met insulineresistentie, hart- en vaatziekten, allergieën en auto-immuunziekten, zoals multiple sclerose (MS), reumatoïde artritis, ziekte van Crohn, colitis ulcerosa en prikkelbare darmsyndroom (PDS).[81] Net als granen veroorzaakt zuivel ook laaggradige ontsteking.[82]
  • Nachtschades en peulvruchten bevatten saponinen die laaggradige ontsteking kunnen uitlokken.[83] Onder de nachtschade vallen aardappels, paprika, tomaten en aubergines. Voorbeelden van peulvruchten zijn sojabonen en sojaproducten, witte bonen, linzen, (kikker)erwten, kidneybonen, alfalfa en sperziebonen. Wat tomaten betreft zijn het vooral de onrijpe tomaten die veel saponinen bevatten. In goed gerijpte tomaten is het gehalte aan saponinen minimaal.

Al deze ‘nieuwe’ voedingsmiddelen kunnen laaggradige ontsteking veroorzaken. Dit is de oorzaak van bijna alle chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, diabetes, psychische stoornissen, auto-immuunziekten, bepaalde vormen van kanker en aandoeningen aan de luchtwegen.[84],[85]

Kortom

Sinds de agrarische revolutie is ons voedingspatroon razendsnel veranderd. Zo snel dat je genen niet de tijd hebben gehad om zich goed aan te kunnen passen aan deze veranderingen. Je genen zijn dus nog niet helemaal aangepast aan de westerse voeding die voornamelijk bestaat uit (geraffineerde) granen en zuivel. Er is sprake van een mismatch tussen je genen en de voeding die je eet. De ‘nieuwe’ westerse voeding is vreemd voor je ‘oeroude’ genen. Je genen zijn de weg kwijt. Ze weten niet goed hoe zij zich moeten gedragen. Dit kan zich gaan uiten in klachten, zoals lactose intolerantie, coeliakie, en in chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, diabetes, auto-immuunziekten en bepaalde vormen van kanker.

Oervoeding sluit het best op je genen aan. Door je voedingspatroon te baseren op oervoeding ga je weer een beetje terug naar je oorspronkelijke omgeving. Op die manier verminder je de mismatch op het gebied van voeding. Bij veel mensen leidt dit tot een betere gezondheid en een vermindering van chronische klachten.

De dosis bepaalt of iets giftig is of niet. Daarom is het belangrijk dat je zoveel mogelijk varieert. Je kunt best een keer granen, nachtschades, zuivel of peulvruchten eten, maar wissel voedingsmiddelen zoveel mogelijk af om negatieve effecten door ‘overdosering’ te voorkomen.

Klik hier om de bronnen te zien
[1] https://en.wikipedia.org/wiki/Anatomically_modern_human
[2] Konner, M., & Eaton, S. B. (2010). Paleolithic nutrition twenty-five years later. Nutrition in Clinical Practice, 25(6), 594-602.
[3] Huber, H. (2013). Beans, Beans the Magical Fruit: Why the Paleo Diet Should Not Exclude Legumes. Popular Anthropology Magazine, 4(2), 46-49.
[4] Cordain, L. (1999). Cereal grains: Humanity s double-edged sword. In Evolutionary aspects of nutrition and health (Vol. 84, pp. 19-73). Karger Publishers.
[5] Cordain, L., Miller, J. B., Eaton, S. B., Mann, N., Holt, S. H., & Speth, J. D. (2000). Plant-animal subsistence ratios and macronutrient energy estimations in worldwide hunter-gatherer diets. The American journal of clinical nutrition, 71(3), 682-692.
[6] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[7] Aiello, L. C., & Wheeler, P. (1995). The expensive-tissue hypothesis: the brain and the digestive system in human and primate evolution. Current anthropology, 36(2), 199-221.
[8] Cordain, L., Miller, J. B., Eaton, S. B., Mann, N., Holt, S. H., & Speth, J. D. (2000). Plant-animal subsistence ratios and macronutrient energy estimations in worldwide hunter-gatherer diets. The American journal of clinical nutrition, 71(3), 682-692.
[9] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[10] Cordain, Loren (2011). The Paleo Diet Lose Weight and Get Healthy by Eating the Foods You Were Designed to Eat. Hoboken, New Jersey: John Wiley & Sons, Inc. (2011).
[11] Hulshof K.F.A.M., Ocké M.C., Van Rossum C.T.M., Resultaten van de Voedselconsumptiepeiling 2003. 2004; RIVM-rapport nr 350030002/2004; TNO-rapport nr. V6000.
[12] Hulshof, K. F. A. M., & Ocké, M. C. (2005). Voedselconsumptiepeiling 2003: onderzoek bij jongvolwassen Nederlanders: focus op macrovoedingsstoffen.
[13] Kreijl C.F. van, KnaapA.G.A.C., Ons eten gemeten – Gezonde voeding en veilig voedsel in Nederland. 2004; RIVM-rapport nr. 270555007.
[14] Kuipers, R. S. (2012). Fatty acids in human evolution: contributions to evolutionairy medicine. Proefschrift Rijks Universiteit Groningen. 2012. ISBN 978-90-367-5381-4.
[15] Eaton, S. B., Eaton, S. 3., & Konner, M. J. (1997). Paleolithic nutrition revisited: a twelve-year retrospective on its nature and implications. European journal of clinical nutrition, 51(4), 207-216.
[16] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[17] Daniel E. Lieberman (2013). The Story of the Human Body: Evolution, Health, and Disease.
[18] Youtube video: CARTA: Evolution of Human Nutrition Clark Spencer Larsen: Agriculture’s Impact on Human Evolution. https://www.youtube.com/watch?v=ybRD4UPN3D4
[19] Cordain, L., Eaton, S. B., Sebastian, A., Mann, N., Lindeberg, S., Watkins, B. A., … & Brand-Miller, J. (2005). Origins and evolution of the Western diet: health implications for the 21st century. The American journal of clinical nutrition, 81(2), 341-354.
[20] Price, W. A. (1939). Nutrition and Physical Degeneration: A Comparison of Primative and Modern Diets and Their Effects. PB Hoeber, Incorporated.
[21] Carrera-Bastos, P., O’Keefe, J. H., Cordain, L., & Lindeberg, S. (2011). The western diet and lifestyle and diseases of civilization. Research Reports in Clinical Cardiology, 2, 15-35.
[22] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[23] Price, W. A. (1939). Nutrition and Physical Degeneration: A Comparison of Primative and Modern Diets and Their Effects. PB Hoeber, Incorporated.
[24] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[25] Williams, A. W. (1944). Heart Disease in the Native Population of Uganda. Part IV. Hypertensive Heart Disease. East African Medical Journal, 21(11), 328-35.
[26] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[27] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[28] Lee, K. T., Nam, S. C., Kwon, O. H., Kim, S. B., & Goodale, F. (1963). Geographic pathology of arteriosclerosis: A study of the “critical level” of dietary fat as related to myocardial infarction in Koreans. Experimental and molecular pathology, 2(1), 1-13.
[29] Hokanson, J. E., & Austin, M. A. (1996). Plasma triglyceride level is a risk factor for cardiovascular disease independent of high-density lipoprotein cholesterol level: a metaanalysis of population-based prospective studies. Journal of cardiovascular risk, 3(2), 213-219.
[30] Trowell, H. C. (1981). Western diseases, their emergence and prevention. Harvard University Press.
[31] Kessler, D. A. (2010). The end of overeating: Taking control of the insatiable American appetite. Rodale.
[32] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[33] Goldstone, A. P., Prechtl de Hernandez, C. G., Beaver, J. D., Muhammed, K., Croese, C., Bell, G., … & Bell, J. D. (2009). Fasting biases brain reward systems towards high‐calorie foods. European Journal of Neuroscience, 30(8), 1625-1635.
[34] King, B. M. (2013). The modern obesity epidemic, ancestral hunter-gatherers, and the sensory/reward control of food intake. American Psychologist, 68(2), 88.
[35] Rolls, E. T. (2012). Taste, olfactory and food texture reward processing in the brain and the control of appetite. Proceedings of the Nutrition Society, 71(04), 488-501.
[36] Kuipers (2015). Het oerdieet: de manier om gezond oud te worden. Vijfde druk. Uitgeverij Prometheus Bert Bakker.
[37] Gross, L. S., Li, L., Ford, E. S., & Liu, S. (2004). Increased consumption of refined carbohydrates and the epidemic of type 2 diabetes in the United States: an ecologic assessment. The American journal of clinical nutrition, 79(5), 774-779.
[38] www.darwinian-medicine.com: https://i0.wp.com/darwinian-medicine.com/wp-content/uploads/2017/02/the-evolution-of-the-human-diet.jpg
[39] Hold, G. L. (2014). Western lifestyle: a ‘master’manipulator of the intestinal microbiota?. Gut, 63(1), 5-6.
[40] Bouchard-Mercier, A., Paradis, A. M., Rudkowska, I., Lemieux, S., Couture, P., & Vohl, M. C. (2013). Associations between dietary patterns and gene expression profiles of healthy men and women: a cross-sectional study. Nutrition journal, 12(1), 24.
[41] Carrera-Bastos, P., O’Keefe, J. H., Cordain, L., & Lindeberg, S. (2011). The western diet and lifestyle and diseases of civilization. Research Reports in Clinical Cardiology, 2, 15-35.
[42] Voreades, N., Kozil, A., & Weir, T. L. (2014). Diet and the development of the human intestinal microbiome.
[43] Eaton, S. B., Konner, M., & Shostak, M. (1988). Stone agers in the fast lane: chronic degenerative diseases in evolutionary perspective. The American journal of medicine, 84(4), 739-749.
[44] Carrera-Bastos, P., O’Keefe, J. H., Cordain, L., & Lindeberg, S. (2011). The western diet and lifestyle and diseases of civilization. Research Reports in Clinical Cardiology, 2, 15-35.
[45] Muskiet, F. (2008). Prof. dr. Frits Muskiet: ‘Onze voeding moet gebaseerd zijn op eetpatroon oermens’. http://www.rug.nl/news/2008/03/010_08?lang=en%20March%2004,%202008
[46] Carrera-Bastos, P., O’Keefe, J. H., Cordain, L., & Lindeberg, S. (2011). The western diet and lifestyle and diseases of civilization. Research Reports in Clinical Cardiology, 2, 15-35.
[47] Spreadbury, I. (2012). Comparison with ancestral diets suggests dense acellular carbohydrates promote an inflammatory microbiota, and may be the primary dietary cause of leptin resistance and obesity. Diabetes Metab Syndr Obes, 5, 175-189.
[48] Price, W. A. (1939). Nutrition and Physical Degeneration: A Comparison of Primative and Modern Diets and Their Effects. PB Hoeber, Incorporated.
[49] Gurven, M., & Kaplan, H. (2007). Longevity among hunter‐gatherers: a cross‐cultural examination. Population and Development review, 33(2), 321-365.
[50] Frassetto, L. A., Schloetter, M., Mietus-Synder, M., Morris, R. C., & Sebastian, A. (2009). Metabolic and physiologic improvements from consuming a paleolithic, hunter-gatherer type diet. European journal of clinical nutrition, 63(8), 947-955.
[51] O’dea, K. (1984). Marked improvement in carbohydrate and lipid metabolism in diabetic Australian Aborigines after temporary reversion to traditional lifestyle. Diabetes, 33(6), 596-603.
[52] Österdahl, M., Kocturk, T., Koochek, A., & Wändell, P. E. (2008). Effects of a short-term intervention with a paleolithic diet in healthy volunteers. European journal of clinical nutrition, 62(5), 682-685.
[53] Jönsson, T., Granfeldt, Y., Ahrén, B., Branell, U. C., Pålsson, G., Hansson, A., … & Lindeberg, S. (2009). Beneficial effects of a Paleolithic diet on cardiovascular risk factors in type 2 diabetes: a randomized cross-over pilot study. Cardiovascular diabetology, 8(1), 35.
[54] Jönsson, T., Granfeldt, Y., Erlanson-Albertsson, C., Ahrén, B., & Lindeberg, S. (2010). A paleolithic diet is more satiating per calorie than a mediterranean-like diet in individuals with ischemic heart disease. Nutrition & metabolism, 7(1), 85.
[55] Lindeberg, S., Jönsson, T., Granfeldt, Y., Borgstrand, E., Soffman, J., Sjöström, K., & Ahrén, B. (2007). A Palaeolithic diet improves glucose tolerance more than a Mediterranean-like diet in individuals with ischaemic heart disease. Diabetologia, 50(9), 1795-1807.
[56] Mellberg, C., Sandberg, S., Ryberg, M., Eriksson, M., Brage, S., Larsson, C., … & Lindahl, B. (2014). Long-term effects of a Palaeolithic-type diet in obese postmenopausal women: a 2-year randomized trial. European journal of clinical nutrition, 68(3), 350-357.
[57] Spreadbury, I. (2012). Comparison with ancestral diets suggests dense acellular carbohydrates promote an inflammatory microbiota, and may be the primary dietary cause of leptin resistance and obesity. Diabetes Metab Syndr Obes, 5, 175-189.
[58] Cordain, L. (1999). Cereal grains: Humanity s double-edged sword. In Evolutionary aspects of nutrition and health (Vol. 84, pp. 19-73). Karger Publishers.
[59] De Punder, K., & Pruimboom, L. (2013). The dietary intake of wheat and other cereal grains and their role in inflammation. Nutrients, 5(3), 771-787.
[60] Jönsson, T., Olsson, S., Ahrén, B., Bøg-Hansen, T. C., Dole, A., & Lindeberg, S. (2005). Agrarian diet and diseases of affluence–Do evolutionary novel dietary lectins cause leptin resistance?. BMC endocrine disorders, 5(1), 10.
[61] Drago, S., El Asmar, R., Di Pierro, M., Grazia Clemente, M., Sapone, A. T. A., Thakar, M., … & Zampini, L. (2006). Gliadin, zonulin and gut permeability: Effects on celiac and non-celiac intestinal mucosa and intestinal cell lines. Scandinavian journal of gastroenterology, 41(4), 408-419.
[62] Biesiekierski, J. R., Newnham, E. D., Irving, P. M., Barrett, J. S., Haines, M., Doecke, J. D., … & Gibson, P. R. (2011). Gluten causes gastrointestinal symptoms in subjects without celiac disease: a double-blind randomized placebo-controlled trial. The American journal of gastroenterology, 106(3), 508-514.
[63] Bosma-den Boer, M. M., van Wetten, M. L., & Pruimboom, L. (2012). Chronic inflammatory diseases are stimulated by current lifestyle: how diet, stress levels and medication prevent our body from recovering. Nutrition & metabolism, 9(1), 32.
[64] De Punder, K., & Pruimboom, L. (2013). The dietary intake of wheat and other cereal grains and their role in inflammation. Nutrients, 5(3), 771-787.
[65] Rowlands, M. A., Gunnell, D., Harris, R., Vatten, L. J., Holly, J. M., & Martin, R. M. (2009). Circulating insulin‐like growth factor peptides and prostate cancer risk: A systematic review and meta‐analysis. International journal of cancer, 124(10), 2416-2429.
[66] Sugumar, A., Liu, Y. C., Xia, Q., Koh, Y. S., & Matsuo, K. (2004). Insulin‐like growth factor (IGF)‐I and IGF‐binding protein 3 and the risk of premenopausal breast cancer: A meta‐analysis of literature. International journal of cancer, 111(2), 293-297.
[67] Genkinger, J. M., Hunter, D. J., Spiegelman, D., Anderson, K. E., Arslan, A., Beeson, W. L., … & Hankinson, S. E. (2006). Dairy products and ovarian cancer: a pooled analysis of 12 cohort studies. Cancer Epidemiology and Prevention Biomarkers, 15(2), 364-372.
[68] Larsson, S. C., Orsini, N., & Wolk, A. (2006). Milk, milk products and lactose intake and ovarian cancer risk: A meta‐analysis of epidemiological studies. International journal of cancer, 118(2), 431-441.
[69] Gao, X., LaValley, M. P., & Tucker, K. L. (2005). Prospective studies of dairy product and calcium intakes and prostate cancer risk: a meta-analysis. Journal of the National Cancer Institute, 97(23), 1768-1777.
[70] Kurahashi, N., Inoue, M., Iwasaki, M., Sasazuki, S., & Tsugane, S. (2008). Dairy product, saturated fatty acid, and calcium intake and prostate cancer in a prospective cohort of Japanese men. Cancer Epidemiology and Prevention Biomarkers, 17(4), 930-937.
[71] Qin, L. Q., Xu, J. Y., Wang, P. Y., Tong, J., & Hoshi, K. (2007). Milk consumption is a risk factor for prostate cancer in Western countries: evidence from cohort studies. Asia Pacific journal of clinical nutrition, 16(3), 467-476.
[72] Qin, L. Q., Xu, J. Y., Wang, P. Y., Kaneko, T., Hoshi, K., & Sato, A. (2004). Milk consumption is a risk factor for prostate cancer: meta-analysis of case-control studies. Nutrition and cancer, 48(1), 22-27.
[73] Rohrmann, S., Platz, E. A., Kavanaugh, C. J., Thuita, L., Hoffman, S. C., & Helzlsouer, K. J. (2007). Meat and dairy consumption and subsequent risk of prostate cancer in a US cohort study. Cancer Causes & Control, 18(1), 41-50.
[74] Zucker, G. M., & Clayman, C. B. (1983). Bertram W. Sippy and Ulcer Disease Therapy. JAMA, 250(16), 2198-2202.
[75] Chen, H., O’reilly, E., McCullough, M. L., Rodriguez, C., Schwarzschild, M. A., Calle, E. E., … & Ascherio, A. (2007). Consumption of dairy products and risk of Parkinson’s disease. American journal of epidemiology, 165(9), 998-1006.
[76] Park, M., Ross, G. W., Petrovitch, H., White, L. R., Masaki, K. H., Nelson, J. S., … & Abbott, R. D. (2005). Consumption of milk and calcium in midlife and the future risk of Parkinson disease. Neurology, 64(6), 1047-1051.
[77] Wilhelm, K. R., Yanamandra, K., Gruden, M. A., Zamotin, V., Malisauskas, M., Casaite, V., … & Morozova‐Roche, L. A. (2007). Immune reactivity towards insulin, its amyloid and protein S100B in blood sera of Parkinson’s disease patients. European journal of neurology, 14(3), 327-334.
[78] Karas-Kuzelicki, N., Pfeifer, V., & Lukac-Bajalo, J. (2008). Synergistic effect of high lactase activity genotype and galactose-1-phosphate uridyl transferase (GALT) mutations on idiopathic presenile cataract formation. Clinical biochemistry, 41(10), 869-874.
[79] Meloni, G., Ogana, A., Mannazzu, M. C., Meloni, T., Carta, F., & Carta, A. (1995). High prevalence of lactose absorbers in patients with presenile cataract from northern Sardinia. The British journal of ophthalmology, 79(7), 709.
[80] Rinaldi, E., Costagliola, C., Albini, L., De Rosa, G., Auricchio, G., De Vizia, B., & Auricchio, S. (1984). High frequency of lactose absorbers among adults with idiopathic senile and presenile cataract in a population with a high prevalence of primary adult lactose malabsorption. The Lancet, 323(8373), 355-357.
[81] http://thepaleodiet.com/dairy-milking-worth/
[82] Bosma-den Boer, M. M., van Wetten, M. L., & Pruimboom, L. (2012). Chronic inflammatory diseases are stimulated by current lifestyle: how diet, stress levels and medication prevent our body from recovering. Nutrition & metabolism, 9(1), 32.
[83] Bosma-den Boer, M. M., van Wetten, M. L., & Pruimboom, L. (2012). Chronic inflammatory diseases are stimulated by current lifestyle: how diet, stress levels and medication prevent our body from recovering. Nutrition & metabolism, 9(1), 32.
[84] Bosma-den Boer, M. M., van Wetten, M. L., & Pruimboom, L. (2012). Chronic inflammatory diseases are stimulated by current lifestyle: how diet, stress levels and medication prevent our body from recovering. Nutrition & metabolism, 9(1), 32.[85] F.A.J. Muskiet (2011). De evolutionaire achtergrond, oorzaak en consequenties van chronische systemische lage graad ontsteking; betekenis voor de klinische chemie. Ned Tijdschr Klin Chem Labgeneesk 2011, vol. 36, no. 4.

Dus

Begin vandaag nog met het eten van oervoeding en ontdek de gezondheidsvoordelen. Gezonde voeding behoort tot de basis voor een goede gezondheid en herstel, maar voeding is niet het enige. Voldoende beweging en ontspanning zijn minstens zo belangrijk. Wil jij weten wat mijn belangrijkste leefstijltips op het gebied van voeding, beweging en ontspanning zijn? Download dan hieronder mijn gratis e-book met meer dan 50 praktische leefstijltips.

De basis van herstelE-book

De basis van herstel

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Aanbevolen boeken

Gerelateerde artikelen

Lekkende darm (leaky gut): symptomen, testen, oorzaken & herstellen

Lees verder

Auto-immuun protocol (AIP): welke voeding vermijden, hoe en waarom?

Lees verder

Plaats een reactie op dit artikel

Reageer

Gerelateerd

Lekkende darm (leaky gut): symptomen, testen, oorzaken & herstellen

Lees verder

Auto-immuun protocol (AIP): welke voeding vermijden, hoe en waarom?

Lees verder

Categorieën